Verhuizing
In dit voorbeeld geeft Pietje een verhuizing door, 2 weken nadat ze verhuisd is.Brondata
Dit voorbeeld laat het klassieke bitemporele patroon zien: iets gebeurt op moment A, maar wordt pas geregistreerd op moment B. In het eerste voorbeeld lagen A en B dicht bij elkaar. Hier lopen ze twee weken uiteen — en dat is in het diagram direct zichtbaar.
Anders dan bij een geboorte of een correctie speelt hier alleen de Bevolkingsregistratie een rol. Een adreswijziging is geen civiele levensgebeurtenis; er wordt geen akte opgemaakt door de Burgerlijke Stand. Pietje meldt zich rechtstreeks bij de balie van de Bevolkingsregistratie.
Aanleiding: verhuizing naar een nieuw adres
In Nederland ben je verplicht om een adreswijziging door te geven aan de gemeente van je nieuwe woonplaats. Dat moet binnen vijf dagen na de feitelijke verhuizing. In de praktijk gebeurt dit regelmatig later.
Pietje geeft haar verhuizing 2 weken later door dan dat ze verhuisd is. Die twee weken zijn geen fout of probleem: de wet laat enige ruimte, en het registratiesysteem is er juist op ingericht om dit onderscheid vast te leggen.
Verwerking
Bevolkingsregistratie
Command: RegistreerVerhuizing
Pietje meldt zich bij de gemeente Utrecht en geeft haar nieuwe adres door. De medewerker Bevolkingsregistratie verwerkt dit als een RegistreerVerhuizing-command:
Gevolg: Verhuizing
De Bevolkingsregistratie publiceert VerhuizingGeregistreerd. Dit gevolg bevat het nieuwe adres en — cruciaal — het geldigheidstijdstip van de feitelijke verhuizing (2 weken geleden), niet van de registratie (vandaag).
Twee tijdstippen, twee vragen
Het bitemporele model beantwoordt twee vragen die vaak door elkaar gehaald worden:
| Tijdstip | Vraag | Waarde in dit voorbeeld |
|---|---|---|
| Geldigheidstijdstip | Wanneer is Pietje feitelijk verhuisd? | twee weken geleden |
| Gevolgtijdstip | Wanneer wist het systeem dat ze verhuisd was? | vandaag |
Stel dat een andere overheidspartij een week geleden vroeg: "Waar woont Pietje?" — dan was het antwoord op basis van wat het systeem op dat moment wist: Amsterdam. Achteraf, met de kennis van 15 september, weten we dat ze al in Utrecht woonde. Beide antwoorden zijn correct, afhankelijk van de vraag die je stelt.
Resultaat: gevolg → projectie
Na verwerking bevat de projectie drie snapshots. In het diagram is goed te zien dat het "Verhuizing"-punt niet op de diagonaal ligt: het geldigheidstijdstip en het gevolgtijdstip zijn ongelijk. Dat is precies de bitemporele vingerafdruk van een laat doorgegeven adreswijziging.